Op zich maakt het me bijzonder weinig uit hoe mensen het internet gebruiken. Er wordt gedate via internet, recepten uitgewisseld, gechat en gebeld. Je kan het zo gek niet bedenken of er is wel een website voor. De strip xkcd noemt het “regel 34“. Als je het kan bedenken, is er porno van. Het klinkt gek, maar het is zo. Neem het maar van mij aan, ik heb het mogen ervaren.
Wat zo jammer is dat men er niet uit haalt wat er in zit. De meeste mensen blijven een beetje “aan de oppervlakte”. Nieuws lezen en e-mailen, dat is het wel. Maar zeker als je informatie zoekt, is het belangrijk om bijvoorbeeld goed te kunnen Googlen. Als het je veel tijd kost om je mail te lezen of bij te blijven: er zijn verschrikkelijk veel websites en “web applicaties*” om ook jouw internetervaring wat rijker te maken. Daar je toch al een internetverbinding hebt, kost het je alleen maar wat tijd. Geïnspireerd door Gauwains prachtige stukje over social media, geef ik in dit stukje wat voorbeelden om internet wat handiger te maken.
Zoeken
Iedereen kan zoektermen invoeren op Google. Weinig mensen vinden meteen wat ze willen weten. Wil je op vakantie? Gooi dan in hemelsnaam niet “vakantie” in Google. Je hebt toch minstens een idee van waar je heen wilt? Google dan eens “op vakantie naar xx” in Google. Zoek je de handleiding van jouw stofzuiger? Gebruik dan eens niet “handleiding stofzuiger” maar begin gelijk met “Siemens Y91 manual”. Scheelt je dertigduizend algemene onzinpagina’s. Een mooie Engelse handleiding om te Googlen kan je hier lezen. Google heeft zelf ook heel wat tips. Mocht je op zoek zijn naar een bepaald apparaat, gebruik dan Give Me Back My Google om al die stomme reviewsites over te slaan. Verdiep je eens in de kunsten van het Googlen. Je staat er van te kijken wat je naar boven kan krijgen.
Als je wilt oefenen, kijk dan eens op A Google A Day. Het is een bijzondere versie van Google: hij loopt een dag achter. Elke dag krijg je een nieuwe, lastige vraag. Probeer hem maar eens te beantwoorden, door te Googlen.
Mailen
Steeds meer mensen hebben webmail. Een accountje bij GMail of Hotmail is zo gepiept. Ook bieden de meeste providers dergelijke functies aan, om op vakantie ook je mail te kunnen checken. Kortom, overal en altijd toegang. Maar hoe je je mail ook gebruikt: waarom laat je alles in je inbox hangen? Thuis slingert de post toch ook niet rond? De meeste mensen hebben minstens een la waar de gelezen post in verdwijnt. Doe dat online ook eens!
De meeste aanbieders van webmail laten je mailtjes “archiveren“. Ze zijn er nog wel, maar ze staan niet in je inbox. Dat ruimt al op! Maak anders een mapje “Archief”. Donder daar alles in. De volgende keer dat je naar je mail gaat, zie je alleen de nieuwe dingen. Laat je mail staan tot je er mee klaar bent. Dat doe je toch ook met je post? Rekeningen gaan bij mij niet de la in tot ik ze betaald heb. Zo ook, gaan te beantwoorden e-mailtjes niet in het archief tot ik wat heb teruggestuurd.
Een handige truc is het maken van berichtregels, of filters. De meeste webmail aanbieders laten je regels opstellen waarmee je automatisch berichtjes kan filteren. De nieuwsbrieven die ik krijg bijvoorbeeld gaan per definitie in het mapje “Nieuwsbrieven”. Ik wil ze wel lezen hoor, maar niet nu. Hupsakee, uit de weg die rommel. Dat kan je natuurlijk ook doen met mail van vrienden (in het mapje “Vrienden”, wellicht?) of van sociale netwerksites, zoals Facebook. Sorteer, over drie dagen tijd, al je nieuwe mail. Dat kan je vervolgens automatisch laten doen, als je maar uitzoekt hoe.
Wil je opruimen, maar mag je inbox niet meteen helemaal leeg? Sorteer je e-mail dan eens op het afzenderveld. Scroll door je e-mail, en je ziet gelijk “groepen” mail die wel (of niet) het archief in kunnen. Op die manier gooide ik eens 120 mailtjes van Facebook en Flickr weg!
Krijg je heel veel nieuwsbrieven? Het is tegenwoordig min of meer verplicht om de mogelijkheid tot uitschrijven aan te bieden. Gebruik dat! Zie je de optie niet? Maak dan een filter of berichtregel aan. Kost je vijf minuten.
E-mailadressen en telefoonnummers
Dit is gerelateerd aan de e-mail. Mijn moeder heeft zo’n mooi zwart adresboekje. Nieuw adres er in, oud adres er uit. Gewoon doorstrepen. Tabbladen voor het alfabet. Handig! Ik doe dat op mijn telefoon, maar het principe is hetzelfde.
De meeste maildiensten hebben zulke functionaliteit ook. GMail bijvoorbeeld heeft een volwaardig adresboek. Ook Apple computers en Windows komen met programma’s die dat kunnen. Waarom nog zoeken naar het ingewikkelde e-mailadres van die collega? Zet het in je adresboek. Als je vervolgens mail aan Pietje adresseert, vult jouw programma het aan tot het juiste adres.
Bovendien is het mogelijk om al die mensen in te delen in groepen. Maak eens een groepje Familie, Vrienden en Collega’s aan. Deel de mensen die je kent in in die groepen. Dat scheelt veel met zoeken naar adressen, en je kan het direct gebruiken om die groep mensen te mailen. Het eerste begin is wel lastig. Maak maar eens een groep “Ongesorteerd” aan en zet daar iedereen in. Succes! Daar ga je, met 230 mensen. Gelukkig zijn daar hulpmiddelen voor. Gist bijvoorbeeld kan adressen voor je uitzoeken. Google Contacts geeft mooie overzichten van belangrijke en minder belangrijke mensen, en Yahoo! heeft handigheidjes om dubbele mensen uit je digitale adresboek te halen.
Wat is hier nou gevorderd aan? Nou, dit soort digitale adresboeken vervuilen heel erg snel. Ik had ooit drie of vier keer dezelfde collega er in staan. “Hans Kazan”, “H. Kazan”, “familie Kazan”, “Kazan, Hans”, en ga zo maar door. Hou dat bij. Voeg mensen samen. Geef in het adresboek het onderscheid aan tussen werk en privé adressen. Dat kan. Immers, je wilt dezelfde Hans bereiken. Als je nog een stap verder wilt gaan, regel dan een smartphone. Na vijf minuten instellen synchroniseert-ie met je adresboek. Nooit meer zoeken!
Oh, en nog een extra gevorderde tip: maak groepen aan voor mensen die je vaak tegelijkertijd mailt. Bijvoorbeeld “ooms en tantes” of “vrienden die ik op mijn feestje wil”. Als je de naam van de groep begint te typen in het Aan-veld, vult jouw e-mail programma automatisch alle e-mailadressen in.
Up to date blijven
Heb jij dat ook? Tientallen interessante websites in je bookmarks. Eigenlijk wil je ze allemaal wel lezen. Vervolgens zit je de hele dag tussen die sites heen en weer te bladeren. Schiet niet op. Zou het niet fijn zijn als je nieuwe berichtjes op één website bij elkaar zou kunnen zetten? Gelukkig kan dat! Dankzij RSS (hier een uitleg voor dummies), een zogenaamde “synchronisatietechniek” is het mogelijk om de updates van een website bij elkaar te krijgen, zonder dat je er zelf heen hoeft te surfen. Neem eens een kijkje op Google Reader (hier heb je een Google account voor nodig). Daar kan je zelf sites verzamelen en het nieuws van die websites bijhouden. Dit is zeker een tip voor gevorderden, maar de moeite waard. Ik hoef geen twintig nieuwssites meer af te struinen; Google verzamelt het allemaal op één plaats. Tip: zoek op een site naar dit (
) icoontje. Het op deze manier “verzamelen” van websites is ontzettend fijn, maar dat icoontje staat zelden op een vaste plaats. Sommige browsers geven zelf aan of een website “RSS” aanbieden, bij anderen zul je moeten zoeken.
Als je Firefox hebt: je kan zogenaamde “Live Bookmarks” aanmaken. In plaats van één link naar een website heb je een soort mapje. In dat mapje verschijnen vanzelf de laatste updates van die site. Als je wilt weten hoe dat moet, Google het maar. Je weet nu hoe je goed kan Googlen.
Social media
Heb je al een Facebook, Twitter of Google+ account? Tof, voeg me toe! Als je dat hebt gedaan is het meteen tijd om de bende eens op te ruimen. Je hebt vast veel vrienden, of je volgt veel mensen. Maar je hoeft echt niet alles direct voor je neus te krijgen. Zou het niet fijn zijn om de updates van je familie wel te zien, maar die van die ene collega juist nooit? Ik kan je vertellen, sommige mensen die ik op Facebook heb interesseren me bar weinig. Ik zie hun updates alleen als ik er zelf heen surf, en dat is maar goed ook.
Gelukkig is het niet zo lastig om dat zelf ook in te stellen. Op Google+ heet dat “circles“. Je deelt mensen in cirkeltjes in, en je kiest vervolgens welke cirkels je wel wilt zien, en welke niet. Andersom ook: deel je je foto’s met iedereen of alleen met het cirkeltje “Goeie vrienden”? Facebook biedt dat tegenwoordig ook aan: je vriendenlijst verdeel je in groepen: vrienden, familie, kennissen. Als dat niet genoeg is maak je zelf extra groepen aan: “collega’s”, “oud-collega’s”, “geen idee wie dit zijn”, etcetera. Twitter maakt het lastiger: je kan lijstjes maken. Die lijstjes zijn echter openbaar. Iedereen kan jouw lijstjes zien. Het idee is hetzelfde, je ziet alleen updates van die lijstjes. Maak echter niet de fout om jouw lijstje “saaie sufferds” te noemen. Dat is misschien niet zo netjes.
Hoe je het ook aanpakt, je sociale netwerk wordt er een stuk overzichtelijker van.
Documenten en foto’s
Dit is maar zijlings een internetdingetje. Computer vol met Word documenten? Harde schijven vol foto’s? Gebruik eens een programma als Picasa en gooi ze daar allemaal in. Picasa kan je foto’s indelen op datum, locatie, personen op de foto, en laat je makkelijk albums maken. Net als dat we vroeger allemaal fotoalbums zaten te plakken, kan je in zulke programma’s mooie fotoboeken maken. Sterker nog, je kan ze nog laten printen ook.
Het fijne van zo’n programma (ook iPhoto voor de Mac is er goed in) is dat je de foto’s makkelijk online (en offline) kan zetten, om ze te delen met vrienden en zulks. Geen gedoe meer met vreemde sites of het mailen van bijlages. Je zet ze er op, en hupsakee, je haalt ze er weer af.
Documenten zijn lastiger te organiseren. Kijk eens naar je eigen fysieke administratie. Je hebt minstens een onderscheid tussen werk / school en privé. Begin daar eens. Deel documenten in op jaar of op maand. Maak de indeling steeds fijner. In mijn geval, ik hou het op jaar (mijn huidige mapje is dus “2012″, en daar binnen maak ik onderscheid tussen de dingen waar ik mee bezig ben. Afstuderen, Radboud en “correspondentie”. Terwijl het jaar loopt komen daar misschien dingen bij.
Sjouw jij ook overal een USB stick heen? Altijd geëmmer met verschillende versies van documenten? Ik had ooit “Verslag 1″, “Verslag 1a”, “Verslag 1a-na-werk”, en nog vier versies. Niet te doen!
Als je je opgeeft voor bijvoorbeeld DropBox ben je daar vanaf. Dropbox geeft je 2GB (best veel voor documenten) aan opslagruimte online. Wat is daar nou zo handig aan? Nou, door hun programma te installeren krijg je in je Mijn Documenten (of op de Mac, Documents) een extra mapje: “My Dropbox”. Alles dat je daar in gooit wordt “gesynchroniseerd” met de opslagruimte online. Als je vervolgens ergens anders bent, kan je verder met zeker weten de allerlaatste versie van je document. Ik gebruikte het ooit op zowel mijn laptop, als mijn vaste computer. Ik hoef geen documenten meer heen en weer te sturen (bijvoorbeeld mailen naar mezelf.. onhandig!), want Dropbox regelt dat.
Samengevat
Ik ken een aantal mensen die er thuis een rommeltje van maken. Dat doe ik ook. Maar als puntje bij paaltje komt (bijvoorbeeld als mijn moeder op visite komt) ruim ik alles op en geef ik het allemaal een mooi plekje. Online doe ik dat ook (en ben ik een stuk strenger). En dat terwijl mijn moeder nog nooit heeft gekeken of ik Mijn Documenten wel heb opgeruimd.
Dankzij (onder andere) een jaar Thalia en het principe “wie wat bewaart, die heeft wat”, heb ik inmiddels zo’n 500 mensen in mijn adresboek staan. Al die mensen hebben óf een telefoonnummer, óf een e-mailadres. Bovendien hebben alle telefoonnummers de landcode er bij staan (zoals +31) èn controleer ik regelmatig of er geen dubbele mensen tussen staan.
Ik lees nieuws via Google Reader. Er staan zo’n 120 websites in. Sommigen updaten heel vaak (NOS.nl), anderen bijna nooit (zoals het weblog van Stephan). Maar als er iets gebeurt, krijg ik het mee.
Ik heb allerlei systemen (gebruikt) om foto’s te delen. Nu gebruik ik zoveel mogelijk Picasa als ik foto’s wil delen. Ze kunnen de foto’s op eigen initatief bekijken, afgeschermd van de rest van de wereld terwijl ik ze zo weer offline kan halen.
Voor veel familie ben ik het “handige neefje”. Waarom denk je dat ik vraag om de foutmelding letterlijk op te schrijven? Simpel. Ik gooi hem in Google. Ik Google niet op “Windows loopt vast” (8 miljard resultaten) maar op de precieze foutmelding. Scheelt al een heel stuk.
Het mooie is dat dit helemaal niet veel tijd kost. Het is eigenlijk ook niet zo lastig. Er zijn genoeg gure avonden tijdens deze wintermaanden. Schenk jezelf een glas wijn, ga achter je computer zitten en organiseer!
* Ja, dat is een typisch voorbeeld van de Engelse ziekte. Maar het leest wel fijner, niet?